MEI
22
0

Piet Loohuis

 

Niet geheel onverwachts maar toch wel plotseling is vrijdagmiddag 19 mei 2017 pater Piet Loohuis in Gennep overleden.

Piet is op 9 december 1941 in Eindhoven geboren. Na de basisschool ging Piet naar de mulo, waarna hij de handelsambachtschool door liep, waar hij zijn diploma boekhouden behaalde en in 1967 de HBS A voltooide.In 1968 schreef hij zich in op het Theologisch Instituut in Eindhoven, waar hij onze congregatie leerde kennen. Hij voelde zich tot deze congregatie aangetrokken en begon een jaar later met het noviciaat in Gemert.

Piet wilde later als missionaris gaan werken in Tanzania. Daarom kiest hij ervoor om de laatste twee jaar van zijn theologiestudie reeds in dat land te doen en vertrekt in oktober 1969 naar Tanzania. Hij komt terecht op het grootseminarie in Tabora. Zijn vakanties brengt hij door in het bisdom Morogoro, waar hij later zal gaan werken.

Ook al valt hij als enige blanke tussen al die Tanzaniaanse studenten erg op, Piet probeert zich, zo goed en zo kwaad als hij kan, aan te passen aan zijn nieuwe omgeving en heeft nooit spijt gehad van zijn keuze.

Op 3 juni 1972 wordt Piet in de St. Jan’s kerk te Valkenswaard door monseigneur H. van Elswijk, emeritus bisschop van Morogoro tot priester gewijd.

Piet wordt benoemd voor de missie van Kimamba, waar hij in het begin een eenvoudig bestaan leidt, maar er in de loop der jaren voor zorgt, dat hij een voorraadkamer heeft, waar van alles staat, wat elders in het bisdom niet te vinden is. Vanwege de slechte economische toestand van het land was er in die jaren in de winkels in de stad niet veel te krijgen.

Piet was iemand, die zich graag verdiepte in de bijbel en dit gevoel bracht hij over op zijn parochianen. Er was in het bisdom geen andere parochie waar zo veel bijbels verkocht werden als in de parochie van Piet. Naast bijbels en andere geestelijke boekjes verkocht Piet veel schriften en pennen aan de schoolgaande jeugd. Daar het winstpercentage op die artikelen in Tanzania vrij was, vond Piet 100% winst niet fout, terwijl hij het wel afkeurde als medebroeders hun Nederlands geld op de zwarte markt wisselden. Door dat te doen deden zij het land te kort en dat kon niet, vond Piet.

Hij maakte zelf ook uit aan welke acties en plannen van het bisdom zijn parochie wel of niet meedeed. Hij bepaalde zelf het beleid en de bisschop hoefde dat niet voor hem te doen. Dat dit niet in goede aarde viel, spreekt voor zich, maar daar Piet toen al tamelijk slecht ter been was, was hij niet makkelijk over te plaatsen. Toen er elders een parochie vrijkwam, waar je met de auto overal kon komen, greep de bisschop deze kans aan om hem te verplaatsen. Hij deed dit echter zonder eerst te overleggen met Piet en dat schoot bij hem in het verkeerde keelgat.      

Piet besloot naar Nederland terug te gaan en zich hier verder in de pastoraal in te gaan zetten. Om de pastoraal in Nederland te leren kennen, werd hij opgevangen door pastoor Jos Biemans in Valkenswaard. Vanaf die tijd zijn die twee hechte vrienden geworden, al heeft Piet zijn inwerkperiode bij hem niet afgemaakt.

In Tanzania zochten ze namelijk een econoom voor de filosofieopleiding in Moshi. Toen die vraag bij Piet werd neergelegd, ging hij daar meteen op in, een beslissing die hij korte tijd later erg betreurde. De sfeer van het seminarieleven was hij helemaal ontgroeid. Door dagelijks voor de studenten groenten te kopen op de markt, leerde hij de marktkooplui kennen en besloot iets op te gaan zetten om hen verder te helpen. De toenmalige bisschop van Arusha was het hiermee eens en gaf hem zelfs een stuk grond onder voorwaarde, dat hij hem niet om financiële hulp zou komen vragen. Piet had ondertussen voor een goede en getrouwe achterban gezorgd, dus begon hij met de opzet van het Jeugdcentrum De heilige Philippus Neri. Regelmatig kwamen er kennissen en jongeren uit Valkenswaard hem helpen bij het opzetten van korte cursussen, voor het installeren van computers en andere zaken.

 De verhouding met de plaatselijke leiding van de congregatie liep fout, daar Piet vond, dat hem onrecht was aangedaan. Op pogingen om dit probleem de wereld uit te helpen, is Piet helaas nooit ingegaan. Ook met de nieuwe bisschop liep het fout. Zo zeer zelfs, dat de bisschop hem het jeugdcentrum af nam, met het argument dat het centrum zich op het terrein van het bisdom bevond. De onenigheid met de toenmalige bisschop is zeker niet alleen Piet te verwijten.

Piet liet zich niet uit het veld slaan en begon opnieuw en bouwde het “AFRI-YOUTH DEVELOPMENT SERVICES”. Piet dacht het allemaal zo geregeld te hebben, dat het centrum na zijn vertrek door kon gaan. Helaas slaagde hij er niet in een geschikte persoon te vinden, die de leiding van hem kon overnemen. Iedere keer gokte hij op de verkeerde mensen.

Zijn gezondheid ging echter zo snel achteruit, dat hij -met pijn in het hart- gedwongen was naar Nederland terug te keren. Hier kwam hij meteen terecht in het verzorgingshuis Libermannhof, dat hij vaak het ‘gesticht’ noemde, omdat hij zich opgesloten voelde. Hij wilde terug naar Tanzania, ook al wist hij dat dit niet mogelijk was.

Piet was van tijd tot tijd niet makkelijk voor zijn omgeving. Niet alleen op het moment, dat hij vanwege ziekte op veel te jonge leeftijd afhankelijk werd, maar ook daarvoor al. Wanneer hem naar zijn mening onrecht was aangedaan, kon hij daar niet overheen stappen en weer op goede voet komen met de ander.

Dat hij door zijn verslechterende gezondheid zijn vrijheid moest inleveren, kon hij niet of maar heel moeilijk accepteren. Zijn suiker was van tijd tot tijd bijna niet onder controle te krijgen, daar Piet zijn eetgedrag ook niet onder controle kreeg.  Enkele maanden geleden werd hij getroffen door een tia, waar hij wonderwel vlug van genas, maar een tweede en derde volgden te snel en zeer waarschijnlijk is een vierde hem fataal geworden. We verliezen in Piet aan markante persoon, die voor zichzelf en ook voor zijn omgeving niet altijd de gemakkelijkste was. Piet, bedankt voor de wijze lessen, die je ons van tijd tot tijd voorhield en dat je nu mag rusten in de Vrede en in de Vreugde van de Heer.

We zullen afscheid van Piet nemen in een plechtige eucharistieviering in de kerk van St. Jan’s Onthoofding te Gemert op woensdag 24 mei om 11.00 uur. Vanaf 10.00 uur is hij opgebaard in de kerk en is er gelegenheid voor een laatste groet. Na de viering zal de begrafenis plaats vinden op ons kloosterkerkhof op het park van het kasteel te Gemert, dat alleen bereikbaar is via de brug bij de kerk. Parkeergelegenheid is er naast de kerk via de rondweg. Na de uitvaart is er een koffietafel in de zaal van “Dientje Wijn” Kerkstraat 9.

 Namens het provinciaal bestuur   

 J. Gordijn

 

Correspondentieadressen:

Mevr. E. Peels-Loohuis                                              Congregatie v.d.H.Geest

Slechtvalk 33                                                           Spoorstraat 159

5554 MA Valkenswaard                                             6591 GT Gennep

 

Share this article:

Door met lezen
7 Hits
SEPT
11
0

Jan Schiks

 

Vanmorgen, 8 september 2016 op het feest van Maria geboorte, is om halfzes onze medebroeder Jan Schiks op zijn appartement in Spiritijnenhof overleden. Hij is 89 jaar geworden.

Wij verliezen in Jan een bemind familielid en een unieke medebroeder, die zich met hart en ziel ingezet heeft voor de congregatie en de kerk.

Jan werd op 10 augustus 1927 in Waspik geboren. Na de lagere school volgde Jan vanaf 1940 zijn middelbare studie eerst bij de Paters Kapucijnen in Langeweg en later bij de Kruisheren in Uden. Omdat hij missionaris wilde worden nam hij contact op met de Congregatie van de H. Geest. Hij werd er aangenomen en begon in september 1947 het noviciaat in Gennep. Na zijn eerste professie op 4 september 1948 vervolgde hij zijn priesteropleiding in Gemert. Hij werd er op 19 juli 1953 door Monseigneur Giobbe tot priester gewijd. Een jaar later vertrok hij naar Parijs om daar aan de Alliance Française de Franse taal te gaan leren. In 1955 vertrok hij naar het bisdom Doume in Kameroen.

Op de missie van Ndelele leerde hij de inlandse taal. Daarna werkte hij op verschillende missieposten: Batouri, Betaré-Oya, Essiengbot, Lomié en tenslotte Abong-Mbang. Het waren niet de gemakkelijkste missies, vooral Lomié en Essiengbot waren erg afgelegen in het regenwoud, met onbegaanbare wegen en gammele bruggetjes en dijken in een moerassig gebied. In het begin deed Jan zijn pastorale bezoeken aan de dorpen veelal te voet. In Lomié staat hij bekend als de pater die tweemaal een tournee van 500 km naar de dorpen in het oerwoud te voet heeft gemaakt. Het waren zware reizen, maar Jan heeft dat alles moedig doorstaan. Jan was een goedige, sociale en hardwerkende pastor en missionaris, die een luisterend oor had voor de mensen.

Jan hield zich bezig met de lagere scholen, gaf er catechese. Vaak bezocht hij met een zuster de dorpen om voorlichting te geven betreffende gezondere manieren van leven. Veel mensen heeft hij, vaak midden in de nacht, naar het ziekenhuis gebracht.

In 1978 kreeg Jan in Essiengbot gezelschap van pater Ben Visbeek. Van toen af aan waren zij compagnons en vormden een hecht en onafscheidelijk team. Ze werkten zoveel mogelijk samen in de parochie en in de vele afgelegen dorpen.

Jan bouwde in de vele dorpen aan levendige christengemeenschappen en besteedde tijd en aandacht aan de vorming van leken (catechisten, parochieraden, zangkoren). Er was in het bisdom een vormingscentrum voor catechisten, waar Jan hen naar toe stuurde. Maar in de parochie organiseerde hij voor hen ook vormingsdagen waar hij hen onderrichtte in de bijbel, catechese en woordvieringen op zondag. Zo hielp hij hen op weg om hun eigen verantwoordelijkheid voor de christengemeenschap op zich te nemen en mee te werken aan Gods Rijk van vrede en gerechtigheid. Het was de manier waarop Jan in zijn tijd zich heeft ingezet voor de mensen en gebouwd heeft aan de Kerk in Oost-Kameroen.

Hij was gezien en bemind bij de mensen en zijn werk en inzet werden gewaardeerd. In 1990 ontving Jan, bij gelegenheid van zijn veertigjarig priesterfeest, van de Kameroense regering de onderscheiding “la médaille de chevalier de l’Ordre du mérite Camerounais”.

In 2002, na  een verblijf van 47 jaren, besloten Jan en ook Ben, als bijna laatsten van de Nederlandse Spiritijnen, Oost Kameroen definitief te verlaten en naar Nederland terug te keren. Ze werden in Abong-Mbang opgevolgd door jonge Kameroense Pallotijnen.

Terug in Nederland werkte Jan tien jaar in  onze communiteit te Weert. Hij was er als pastor dienstbaar in de parochie en in twee bejaardenhuizen. Bij de sluiting van deze communiteit in 2011 kwam hij samen met de andere medebroeders naar Spiritijnenhof in Gennep.

Deze laatste jaren in Gennep waren moeilijk voor hem, want zijn krachten namen af en zijn gezondheid ging snel achteruit. Hij was gedwongen zijn fiets te verruilen voor een rollator.  Hij had er veel moeite mee steeds meer afhankelijk van anderen te worden.  Zijn ziekte leek ook invloed te hebben op zijn goedig karakter. Zijn oud-collega’s van Kameroen hadden er wel eens moeite mee in hem de beminnelijke Jan uit vroeger tijden terug te kennen. 

Ondanks zijn lichamelijke en geestelijke aftakeling bleef hij zijn familie en vrienden, met wie hij een hechte band had, trouw bezoeken ofwel kwamen Jan hier in Gennep opzoeken.

Tot op het laatst bleef zijn hart uitgaan naar Kameroen. Hij onderhield contacten met heel veel mensen. Niemand weet hoeveel brieven hij de laatste jaren geschreven heeft, maar het zijn er erg veel.

Vaak reisde Jan met de bus en de trein zomaar ergens naar toe in Nederland. Doodmoe kwam hij ’s avonds dan terug. De Abdij van de Benedictijnen in Egmond was een van zijn geliefde plekken. Hij was een groot vereerder van Maria. Meerdere malen ging hij op bedevaart naar Lourdes. ‘Radio Maria’ was zijn favoriete radiostation, waarop zijn radio permanent stond afgesteld: zijn medebroeders op de gang mochten dan gratis meeluisteren.

Sinds vorige week ging zijn gezondheid snel achteruit. Op 7 september hebben wij hem in aanwezigheid van enkele medebroeders de ziekenzalving toegediend, hij was toen al  buiten bewustzijn. In de vroege morgen van 8 september is hij van ons heengegaan om het geboortefeest van de Moeder Gods in de hemel mee te kunnen vieren.

 

Moge hij nu rusten in vrede.

 

Pater Jan Schiks ligt opgebaard in Spiritijnenhof, Spoorstraat 159 te Gennep.

 

Donderdag 15 september zullen we om 11 uur van Jan afscheid nemen in een plechtige Eucharistieviering in de kerk van St. Jans Onthoofding, Kerkstraat 4 te Gemert.

Vanaf 10 uur is hij opebaard in de kerk. Na deze viering zal de begrafenis plaatsvinden op ons kloosterkerkhof in het park van het kasteel.

Na de begrafenis is er een koffietafel in restaurant ‘Bij Dientje’, Kerkstraat 9 te Gemert

Parkeergelegenheid: achter de kerk (bereikbaar via de Rondweg) of op de Kasteellaan.

 

Namens het Provinciaal Bestuur,

 

                                                                                                                      Martin van Moorsel CSSp

Contactadressen:

Fam. J. Lukassen-Spoor                                             Congregatie van de H. Geest

Rooijseweg 11                                                             Spoorstraat 159
5738 RD MARIAHOUT                                                6591 GT GENNEP

 

 

 

 

 

 

 

Share this article:

Door met lezen
400 Hits
SEPT
11
0

Matthias van der Burg

 

Vanmorgen, woensdag 7 september 2016, is om 9.30 uur onze medebroeder broeder Matthias van der Burg in zijn appartement rustig ingeslapen.

 

Broeder Matthias is geboren te Berkel op 18 oktober 1928 in een zeer katholiek gezin als achtste in een gezin van elf kinderen. In november 1948 gaf hij samen met een van zijn broers te kennen broeder missionaris te willen worden in de Congregatie van de heilige Geest.

Een congregatie die hen bekend was, daar er al drie broers eerder daar waren ingetreden.

Na de eerste kennismaking in Baarle-Nassau had hij toch nog enige twijfels, maar hij trad toch samen met zijn jongere broer, broeder Philippus in en zij legden op 8 september 1951 in Baarle-Nassau hun eerste gelofte af, gevolgd door zijn eeuwige gelofte op 8 september 1954.

 

Broeder Matthias, bij de familie bekend als Martin, heeft niet het geluk gekend om naar de missie gezonden te worden, Iets wat zijn andere vier broers, die intraden wel gekend hebben.

Matthias heeft gewerkt in onze huizen te Weert, Baarle-Nassau, Halfweg, Rhenen en Gemert.

In Gemert vanaf januari 1961 tot de hele communiteit in mei 2010 verhuisde naar Gennep.

In al deze huizen heeft hij allerlei opdrachten uitgevoerd, maar uiteindelijk werd zijn hoofdtaak in Gemert: elektricien. Zingen (en dan Gregoriaans), schaken, radioamateur, fietsen en klokken waren onder andere zijn hobby’s. Wat hij in de kelders verzameld had kon niet allemaal mee naar Gennep, maar hij wilde er wel zijn hobbyruimte krijgen. Ook al hield menig een zijn hart vast, dat er brand of erger zou ontstaan, Matthias ging door in zijn hobbyruimte met van alles aan elkaar maken, in elkaar zetten en weer uit elkaar halen.   

Zijn vader moet heilig en zelfs meer dan dat voor hem zijn geweest, want wat hij van hem had geleerd, daar was tot aan zijn dood niet aan te tornen. Hij had hem geleerd wanneer te knielen, hoe de eucharistie te beleven enz. En eigenlijk kon Matthias niet begrijpen, dat anderen anders deden of daar anders over dachten.

Zijn jongste zus is gaan wonen en werken op Aruba en met haar had hij een speciale band. Hij is een keer daar bij haar op bezoek geweest. Een bezoek, dat hij zich lange tijd pijnlijk heeft herinnerd door een lelijke val bij terugkomst op Schiphol.

Matthias wilde jarenlang niet in de belangstelling staan, maar na zijn laatste ziekenhuis opname is daar verandering in gekomen. Zelfs zo, dat menige medebroeder hier af en toe de opmerking maakte: Je kent hem niet meer terug. Hij dorst eindelijk zijn emoties te laten zien. Hij was blij met ieder bezoek op zijn appartement en praatte dan voluit.

Niet alleen zijn gezichtsvermogen ging achteruit. Iets waardoor wij ons zorgen maakte, wanneer hij weer op de fiets stapte, maar daar was hij niet vanaf te krijgen. Heel zijn gezondheidstoestand ging achteruit en in februari van dit jaar werd bij hem een ernstige leveraandoening geconstateerd, waar operatief niets meer aan gedaan kon worden.

De artsen gaven hem nog enkele maanden. Zelf wilde aanvankelijk nog graag zijn 65-jarig professiefeest, dat hij morgen zou vieren, halen. Toen zijn gezondheid echter zo achteruitging, dat hij niet meer naar de kapel en maaltijden kon komen, zelfs niet meer van zijn bed af, ging hij verlangen naar de dood, die maar niet wilde komen.

Vanmorgen kwam voor hem en voor degenen, die hem zagen lijden de verlossing en mogen wij ervan uitgaan, dat hij verwelkomd is door God, zijn Vader, in wie hij een zeer sterk geloof had. Moge hij ruste in vrede.

Broeder Matthias ligt opgebaard in Spiritijnenhof. Spoorstraat 159 te Gennep.

 

Maandag 12 september zullen wij in een eucharistieviering in de kapel van Libermannhof, Spoorstraat 157 om 10.45 uur afscheid van hem nemen.

Na de eucharistieviering zullen we hem begeleiden naar zijn laatste rustplaats op ons kerkhof in de kasteeltuin van Gemert. Ridderplein 17 (ingang Kasteellaan).

Vanaf 10.00 uur bent u welkom hier in Gennep en na de begrafenis bentu welkom bij de koffietafel in restaurant ‘Bij Dientje’, Kerkstraat 9 te Gemert.

                                  

                                                                                                                   Koos Gordijn CSSp.

 

Correspondentieadressen:

J.Hageman-v.d.Burg                                          Congregatie van de H. Geest

Werkendelslaan 106                                           Spoorstraat 159

1851 VE Heiloo                                                   6591 GT Gennep

 

 

 

 

 

 

 

Share this article:

Door met lezen
332 Hits
AUG
16
0

Otto van den Brink

 

 

 

Volkomen onverwachts is op 12 augustus 2016, pater Otto van den Brink van ons heengegaan. Gisterenavond voelde hij zich niet zo goed en is eerder van tafel gegaan, maar zonder specifieke klachten. Vanmorgen hebben we hem dood aangetroffen. Hij moet in de nacht van 11 augustus zijn overleden. Zo’n plotseling, onverwacht overlijden komt altijd als een grote schok. We wisten dat zijn gezondheid achteruitging maar hij was nog alert en actief.

Otto werd geboren op 16 februari 1934 in een groot en hecht gezin. Afkomstig uit Laren was hij trots op de titel “Erfgooier”. Geprofest in 1954 werd hij op 20 september 1959 priester gewijd door Mgr. Teerenstra, met 11 klasgenoten. Van die klas werden er drie benoemd voor de Centraal Afrikaanse Republiek, toen pas onafhankelijk. Otto, Jan Mollemans en ik vertrokken op dezelfde dag en we konden elkaar gelukkig van tijd tot tijd blijven ontmoeten. Bij het vertrek van Otto was zijn vader al ernstig ziek.

Otto werkte in het Oosten van het aartsbisdom Bangui dat later het bisdom Bambari zou worden. Hij was actief in vier verschillende missies, van 1961 – 1991, met een onderbreking van een jaar recyclage in Abidjan, Ivoorkust. Het grootste deel van die tijd was hij belast met de vorming van catechisten en leken-leiders voor de christengemeenschappen in en rond de hoofdmissies. In Ippy en in Kouando, twee centrale missies, was hij directeur van een catechistenschool. Hij vond veel vervulling in dat werk. Hij hield zich ook bezig met de jonge leken-vrijwilligers, uit Frankrijk en Oostenrijk die toen met ons samenwerkten bij het ontwikkelingswerk in de rurale gebieden.

In 1991 kwam hij terug naar Nederland omdat hij gekozen was in het Provinciaal Bestuur. Van 1991 – 2000 was hij lid van het Provinciaal Bestuur. In die hoedanigheid bezocht hij meerdere malen de Nederlandse confraters in Afrika en Brazilië en schreef daar enthousiast over. Voorafgaand aan zijn eerste benoeming had hij zijn voorkeur uitgesproken voor Brazilië. Tijdens zijn lange bestuursperiode was hij in de gelegenheid dat land meerdere malen te bezoeken, en hij schreef daar met belangstelling over: dat land met zijn boeiende cultuur en zijn kerk die zo moedig en duidelijk koos voor de armen, en zich sterk maakte voor vrede en gerechtigheid.

In oktober 2000 werd er iemand gezocht voor de functie van provinciaal econoom. Otto werd gevraagd en heeft die functie bijna 16 jaar vervuld, met bekwaamheid en toewijding. In 2000 was hij 65 jaar. In de jaren die volgden bracht de voortschrijdende vergrijzing heel wat veranderingen met zich mee. Het was een groot geluk dat we in die jaren veel bekwame en toegewijde leken hebben gevonden om samen met het provinciaal bestuur vorm te geven aan de leiding van de provincie op velerlei gebied. Ook op het economaat veranderde er veel. Otto wist daar heel soepel mee om te gaan in een prettig samenwerkingsverband. Nog altijd was hij er actief en zijn legendarisch geheugen was hem daarbij van groot nut.

Otto is altijd een bescheiden en betrokken medebroeder geweest in alle functies die hij heeft vervuld, in Afrika en in Nederland. Hij stond dicht bij de mensen, in Afrika maar ook in Nederland, bij de vele pastorale assistenties in de parochies waar hij actief was. Hij was ook een harde werker, met weinig behoefte aan ontspanning of vakanties. Zijn vakanties besteedde hij aan bezoeken aan confraters en zusters met wie hij in Afrika had samengewerkt. Hij was ook een diepreligieus mens, altijd dienstbaar, prettig in de omgang en met een goede dosis humor. We zullen hem erg missen. Dank je Otto, voor wie je was en voor wat je voor ons deed. Rust in vrede.

We zullen afscheid van hem nemen in een plechtige Eucharistieviering in de kerk van St. Jans Onthoofding te Gemert op donderdag 18 augustus om 11 uur. Vanaf 10 uur is hij opgebaard in de kerk. Na de viering zal de begrafenis plaatsvinden op ons kloosterkerkhof in het park van het kasteel.

 

                                                                                                                                                                                                F. Timmermans CSSp.

 

Correspondentieadressen:

Familie Schaper- van den Brink                                 Congregatie van de H. Geest

Middenweg 116a                                                         Spoorstraat 159

1394 AN NEDERHORST den BERG                             6591 GT GENNEP

 

 

 

Share this article:

Door met lezen
457 Hits
AUG
16
0

Nico Noordermeer

 

Vrijdagmiddag 29 juli 2016 kregen wij van onze twee laatste Nederlandse medebroeders in Centraal Brazilië, Jo van de Laar en Ko Gradussen, het bericht door dat onze medebroeder pater Nico Noordermeer in het ziekenhuis van Betim (randstad van Belo Horizonte) overleden was. Zijn overlijden kwam voor ons niet geheel onverwachts.

Op 12 juli schreef Gerard Hogervorst ons al dat Nico in het ziekenhuis lag op de intensive care. Nico was naar een dokter gegaan in Pompéu en die liet een longfoto maken. De hartspecialist liet hem meteen opnemen omdat de longen en het hart niet meer goed functioneerden.

Op 21 juli schreef Gerard dat Nico een hartstilstand had gehad. Hij was met succes gereanimeerd, maar men was bang dat zijn hersenen aangetast waren. Hij had veel last van slijm en een infectie in de longen.

Gerard heeft hem, juist voor zijn vertrek naar Nederland, nog in het ziekenhuis opgezocht en hield daarna 2 keer per dag contact, via een Braziliaanse en een Duitse medebroeder.

Op vrijdagmorgen is Nico ingeslapen. 

Nico werd geboren op 26 november 1927 in Loosduinen (Den Haag) in een gezin van acht kinderen. Na de lagere school ging hij naar de Mulo. In het tweede jaar maakte hij aan zijn ouders het verlangen kenbaar om priester te worden.  Zo ging hij in de voetsporen van zijn oudere broer Koos in september 1943 naar het kleinseminarie van de Congregatie van de Heilige Geest te Weert. Zijn overste karakteriseerde Nico als een nerveus, voorzichtig en middelmatig student, met veel verstand van muziek. In september 1950 begon hij in Gennep zijn noviciaat, waar hij een jaar later zijn eerste professie deed. Hij vervolgde zijn priesteropleiding op het kasteel te Gemert en werd er, nu zestig jaar geleden, op 15 juli 1956 door Mgr. Kramer priester gewijd. Een jaar later ontving hij zijn benoeming voor het huidige bisdom Lubango (toen nog Sa da Bandeira) in Angola, waar zijn broer Koos al enkele jaren werkzaam was.

Uit de correspondentie uit die tijd is op te maken dat hij daar met veel plezier gewerkt heeft en er zich er goed thuis voelde. Maar het waren in Angola echter woelige tijden. De Angolezen wilden de onafhankelijkheid en die strijd liep uit op een jarenlange burgeroorlog. Nico besloot om na 18 jaar werken Angola te verlaten.

Als hij al enige tijd in Brazilië werkzaam is schrijft hij aan pater Krien Houdijk:

‘Arm Angola, de ellendige situatie gaat me ontzettend aan het hart. Ik heb het land met bloedend hart verlaten en de wond is nog niet dicht al ben ik hier erg graag’.

“De overgang van Angola naar Nederland was enorm groot. Hij voelde zich vervreemd in het kerkelijk gebeuren. Er was veel veranderd in de Nederlandse kerk na het tweede Vaticaans Concilie. Graag nam hij het aanbod aan om naar Brazilië te gaan. Daar kwam hij bij de paters Frans van Kemenade en Martien Bodewes in de uitgestrekte parochie van Conselheiro Pena met veel basisgemeenschappen. Ook daar voelde hij de gevolgen van het tweede Vaticaans Concilie. Hij moest gaan luisteren, meevieren en niet alleen voorgaan. Via Governador Valadares kreeg hij de mogelijkheid om alleen pastoor te worden in een parochie van Pompéu, in het bisdom Sete Lagoas, waar veel Spiritijnen werkzaam waren. Daar kon Nico zich langzaam en met veel enthousiasme ontwikkelen tot een ijverig en biddend priester, die graag zieken en ouden van dagen opzocht. ‘Ik kan niet bij de pakken neerzitten, ik moet vooruit’ zei hij vaak. Hij stond om 5 uur op en begon de dag met het bidden van het brevier. ‘Ik bid meteen het gehele breviergebed, ik weet niet wat er nog kan gebeuren’. In 2002, op zijn vijfenzeventigste verjaardag, kreeg hij ’s avonds bezoek van de bisschop, die hem feliciteerde en hem meedeelde dat hij niet meer verder kon gaan als pastoor. Dat heeft hem pijn gedaan. Hij mocht wel in het stadje blijven wonen. Naast zijn nieuwe woning bouwde hij een kapel om daar door de week de Eucharistie te vieren. Tot zijn dood toe heeft hij goed om kunnen gaan met de pastoors, die hem vroegen om te assisteren. Zodoende heeft Nico zijn missie blij en tevreden kunnen doorzetten. Hij spraak veel over het lijden en de dood, die onverwachts maar niet onvoorbereid kwam”. (Gerard Hogervorst)

 

Slechts weinig medebroeders hebben Nico gekend. Enkelen herinneren hem van hun studietijd. Hij kwam zelden op vakantie. Slechts een maal toen hij in Angola zat en een maal vanuit Brazilië. Over zichzelf schreef hij eens: ‘mijn mening verschilt nogal wat van de algemeen gangbare. Ik ben een buitenbeentje, vooral wat mening betreft’.

Maar al is zijn levensverhaal hier weinig bekend, het is wel een verhaal van iemand met een groot geloof, die zich met hart en ziel ingezet heeft voor de mensen die aan zijn zorgen waren toevertrouwd, in Lubango en Pompéu.

Bij zijn begrafenis was de kerk stampvol met mensen uit Pompéu en omstreken en een viertal spiritijnse medebroeders en een zestal priesters. Op verzoek van de huidige pastoor Padre Mauro, die de overweging deed, ging Ko Gradussen voor in de uitvaartplechtigheid.

Nico, namens je familie, je medebroeders en al die vele mensen voor wie jij je hebt ingezet, dank voor wie je was. Moge je rusten in de vrede van de Heer.                                            

 

Namens het Provinciaal Bestuur

Martin van Moorsel CSSp.

 

 

Fam. L Badouse                                                                  Congregatie van de H. Geest

Neulstraat 36                                                                      Spoorstraat 159

5492 DC St. Oedenrode                                                       6591 GT Gennep

 

 

 

 

 

Share this article:

Door met lezen
417 Hits
Ga naar boven