Gennep Communiteit

 

 

In De Beginnen

Op 4 oktober 1926 werd het oude tramstation in Gennep ‘De Keet’ gekocht. Hier werd al spoedig het noviciaat van de fraters gevestigd. Vanwege de terugloop van het aantal novicen, kreeg het huis in Gennep in 1965 een nieuwe bestemming: Kloosterbejaarden-Oord. Het werd in 1975 officieel erkend door het ministerie van VWC. Vanwege de strengere eisen van de regering werd het oude huis vervangen door een nieuwbouw. Op 10 mei 1993 kreeg deze nieuwbouw de naam: Libermannhof. De status van de Libermannhof veranderde geleidelijk aan. In het verleden was het een erkend kloosterverzorgingshuis. Sinds enkele jaren worden ook lekenbewoners opgenomen. De verhouding religieuzen – niet religieuzen is nu ongeveer gelijk. Een belangrijke verandering was dat op 1 januari 2009 de organisatie van het verzorgingshuis ‘Libermannhof’ middels een bestuurlijke fusie overgenomen werd door Proteion Thuis, een zorgaanbieder uit Midden Limburg.

Naast het nieuwe verzorgingshuis staan een negental bejaardenflats. Deze werden in 1989 in gebruik genomen door niet geïndiceerde medebroeders. Pal naast Libermannhof en de flatjes kwam in 2010 een nieuw appartementencomplex Spiritijnenhof genaamd. Door de bouw van Spiritijnenhof hebben de leden van de congregatie, een adequate woonsituatie verkregen. In de communiteit wonen momenteel 44 medebroeders verdeeld over drie huizen. In het nieuwe complex zijn ook het provincialaat, het secretariaat, het economaat en het archief gevestigd. Hier worden ook alle activiteiten van de provincie georganiseerd zoals de verschillende werkgroepen, bijeenkomsten en familiedagen. Meerdere confraters assisteren in de regio bij parochies en verzorgingshuizen. De Nederlandse Provincie blijft zo goed mogelijk het missionair ideaal trouw. 

Het Missionair Team Eindhoven (MTE) werd opgericht in 1983 als een project van de Congregatie met als opdracht:
‘een bijdrage leveren aan het missionair denken en handelen in Nederland, niet zozeer op beleidsniveau maar in het veld; aansluiting vinden bij andere, ook niet kerkelijke groepen, die eveneens deze weg gaan; aansluiting vinden speciaal bij de vragen van jonge mensen en hen kansen bieden om hun idealen op het spoor te komen’.

Het MTE heeft vanaf het begin aansluiting gezocht bij maatschappelijke, kerkelijke en missionaire organisaties die zich bezig houden met Noord / Zuid verhoudingen en met gemarginaliseerde mensen en groepen in onze samenleving oa. justitiepastoraat, vluchtelingen, thuis- en daklozen; Missie Ontwikkeling en Vredesgroepen (MOV / ZWO), wereldwinkel. Een belangrijk aandachtsveld zijn nog altijd de jonge mensen. Dit komt o.a. tot uiting in het pastoraat onder (buitenlandse) studenten en in het organiseren van jongerenreizen naar landen in Afrika (Tanzania, Kameroen, CAR, Ethiopië en Ghana) en naar Brazilië. Vanuit deze reizen hebben zich sinds 1990 een tiental leken als geassocieerde leden bij de Congregatie aangesloten, maar in een autonome setting. Zij noemen zich “medestanders”. Ze werken nauw met de spiritijnen samen en zoeken hun eigen spiritualiteit, geïnspireerd door de spiritijnse spiritualiteit
In 2013 verbleven enkele medestanders op spiritijnse projecten in Nigeria, ze werden vergezeld door 2 Nigeriaanse medebroeders.
In Eindhoven zelf is het MTE actief in het studentenpastoraat.
Vanaf het begin ook is het MTE nauw betrokken bij de werkzaamheden van de Congregatie: studiedagen, werkgroepen, internationale bijeenkomsten, gerechtigheid en vrede..

Het huidige missionair team bestaat uit vier Spiritijnen:  Marcel Uzoigwe, John Onoja, Alexis Ndzalouma en Siebren de Lange.

Werkzaamheden

Een greep uit hun huidige missionaire activiteiten: buitenlands pastoraat, gastheer in het Open Huis, Materieel steunpunt (financiële hulp), Samen Verder, Raad van kerken, viering bij zusters en broeders, actieve deelname aan de missionaire activiteiten van de KNR (Konferentie Nederlandse Religieuzen), kleurrijk Religieus Leven, Afrika-Europa-Network, Commissie Jongerenwerk en lid van het Centraal Missionair Beraad Religieuzen,
een cursus ‘rechtvaardigheid, vrede en heelheid van de schepping’ (JPIC), opgezet door de spiritijnse universiteit Duquesne in Pitsburgh.

+04 367 4422

Wij Beschikkibaar te helpen in welke manier ook

[contact-form-7 id="9521"]

Buitenlands Pastoraat

Rond 2000 werd het MTE ingeschakeld in het basispastoraat van de Binnenstadskerk. Vanwege het groeiende aantal buitenlanders in Eindhoven, werd in nauwe samenwerking met de toenmalige Deken van hieruit een pastoraat voor buitenlanders opgezet. Het MTE kreeg de verantwoordelijkheid voor de pastorale zorg voor de Catharinakerk in het centrum. In deze stadskerk vonden een aantal diaconale, culturele en interreligieuze activiteiten plaats die goed bij het MTE pasten. Het buitenlands pastoraat werd al snel een groeiende en levendige gemeenschap van een dertigtal nationaliteiten.

In 2011 had in het Bossche bisdom een grote reorganisatie van de parochies plaats. In Eindhoven bleven maar twee parochies over met slechts enkele kerken. In deze grote verandering was in het basispastoraat nog weinig ruimte voor het MTE, slechts een plek als assistent in het buitenlands pastoraat, dat ondergebracht werd in de Lambertuskerk in de Hoogstraat.

Gebed en meditatie vinden wij belangrijk

Heel belangrijk zijn onze ervaringen voor jongeren

Wij zijn altijd bereid om mee te gaan met iedereen

n 1997 vestigde een internationale spiritijnse communiteit zich in Rotterdam om daar, vanuit de bestaande parochies van Rotterdam Zuid, een missionair project te beginnen om van daaruit de grenzen over te gaan en daarin de plaatselijke geloofsgemeenschap mee te nemen. De grenzen over, op de eerste plaats naar de instromende mensen, die van elders naar Nederland komen. De bevolking van deze wijk bestaat voor 70% uit allochtonen. Dat alles met een sterk accent op dienende aanwezigheid in de wijk.

Sinds de installatie in Rotterdam-Zuid is er veel veranderd. De  vijf parochies zijn opgegaan in een federale parochie. Deze bevinden zich tussen de twee armen van de Maas en strekken zich uit vanaf Rhoon tot Ridderkerk en van Rotterdam-Zuid tot en met Barendrecht.
Op 19 februari 2012 is deze federatie, ‘Maria Magdalena’ genaamd, formeel gestart in aanwezigheid van de bisschop van Rotterdam. Het pastoraal team en het bestuur zijn toen geïnstalleerd. Het pastoraal team   bestaat uit 4 medebroeders, Frans Wijnen, Bert van Tol, François Numbi, Chima Anyaeze en 1 pastoraal werker en heeft als opdracht: : ‘aandacht geven aan het multiculturele karakter van de wijk’.
Elke pastor begeleidt een of twee pastoraatgroepen, die aanspreekpunt zijn en het pastorale werk in desbetreffende parochie coördineren. Er is een beleidsplan dat tot stand gekomen is in overleg met het pastorale team en iedere parochie afzonderlijk.  
Werken met de jeugd, met name de jonge Antillianen in de wijk, blijft een belangrijk aandachtsveld. De oecumene en de contacten met de Moslims in de wijk zullen verder ontwikkeld worden.
De spiritijnen willen bruggen slaan tussen mensen van de verschillende culturen. Binnen de kerk vindt dit zijn uitdrukking in het samenbrengen van verschillende culturen, in de aandacht voor de eigenheid van mensen en in het van elkaar leren.
Het pastorale werk moet zich van binnen naar buiten richten en niet omgekeerd.

Missionaire Parochie

In delen van Rotterdam Zuid, met name in de parochies van Pendrecht, Zuidwijk en Feyenoord, is de dichtheid van de bevolking die van buiten Nederland kwam bijna 70%. Pendrecht en Zuidwijk en sommige andere buurten waren tot “probleemwijken” verklaard. De traditionele parochiepastoraal was er niet toereikend. De spiritijnen willen geen “priesterkerk”. Vanaf hun komst stellen zij als prioriteit om vanuit de parochies en te beginnen bij de parochiegemeenschappen, contact te zoeken met al die verschillende etnische groepen en nationaliteiten en ook waar mogelijk deze groepen nader tot elkaar te brengen. Dit initiatief vond weerklank bij de protestantse gemeenten van Pendrecht en Zuidwijk, met name Dominee Polhuis van Pendrecht was al lang heel actief betrokken bij de plaatselijke deelgemeente van de stad, waar het armoedebestrijding en de rechten van randgroepen en misdeelden betrof.

Internationale Communiteit

De aanwezigheid van Afrikaanse medebroeders is daarbij heel belangrijk: ze leerden Nederlands en vonden hun plaats bij de oorspronkelijke parochianen. Dat multiculturele in de samenstelling van de communiteit is een belangrijk element in het missionair getuigenis. Eens per maand zijn er Eucharistievieringen in het Engels die druk bezocht worden. De kerk is een ontmoetingspunt voor de talrijke Afrikaanse katholieken in de regio. Een van de Kameroense priesters heeft zelfs Papiamento geleerd om beter te kunnen communiceren. Maar ook de integratie binnen de parochies is goed gelukt. Op bijzondere dagen is er een echt multiculturele liturgie, met Nederlandse, Afrikaanse en tegenwoordig ook met Irakees orthodoxe elementen. De Irakezen hebben zelfs regelmatig een dienst in deze parochie.
Er zijn opvallend veel mensen, die komen om een gesprek, pastoraal of niet, met een van onze Afrikaanse priesters. Ook wordt er veel aan huisbezoek gedaan.
Zij onderhouden veel contacten met Antilianen van buiten de parochie. Dat dit alles invloed heeft, blijkt wel uit het feit, dat een van hen gevraagd werd om een herdenkingsdienst te houden voor de vermoorde Antilliaanse politicus Hemin Wiels.
In 2013 werd in een van onze kerken een vrouwendag gehouden. Dat hield in dat behalve een religieuze viering er ook spreeksters waren uitgenodigd om te spreken over de gevolgen en de invloed van de besnijdenis bij meisjes.
Er is een breed contact met een groep jongeren van binnen en van buiten de parochie. Jongerenpastoraat is een prioriteit.
Soms heeft de communiteit een ontmoeting en uitwisseling met de  SVD pastores in de Schilderswijk in Den Haag. Naargelang de mogelijkheden, nemen de spiritijnen deel aan pastorale multiculturele initiatieven  en bijeenkomsten van de KNR op landelijk niveau.